U bevindt zich hier:

Besluitonderdelen & tekstmodel AMvB & MR

Besluitonderdelen en tekstmodel

Het omgevingsdocument bestaat uit twee besluitonderdelen. De TPOD beschrijft in paragraaf 4.1 welke inhoud in welk besluitonderdeel thuis hoort.

Om de tekst van de besluitonderdelen ook machineleesbaar te maken is in het IMOP-tekstmodel aangegeven welke tekststructuren er mogelijk zijn. Dit zijn respectievelijk de artikelstructuur en de vrijetekststructuur. Het tekstmodel geldt voor alle officiële overheidspublicaties, waaronder straks bijvoorbeeld ook voor publicaties van de belastingdienst. De TPOD schrijft voor ieder besluitonderdeel voor welke tekststructuur gebruikt moet worden, zie daarvoor de paragrafen 5.1, 5.2 en 5.3.

Tekststructuren

Voor inhoudelijke tekst zijn er twee soorten tekststructuren mogelijk:

  • Artikelstructuur: de tekststructuur waarbij het lichaam van een (formele) regeling is opgebouwd uit één of meer artikelen. In dit geval worden de tekstelementen artikel en lid toegepast.

  • Vrijetekststructuur: de tekststructuur die wordt gebruikt voor juridisch authentieke documenten waarvan het lichaam van de regeling geen artikelen bevat, zoals een omgevingsvisie en een projectbesluit.
    Deze vrijetekststructuur wordt ook toegepast in documentdelen buiten het lichaam van de regeling met een artikelstructuur, zoals het motiveringsdeel en bijlagen. In dat geval worden de tekstelementen divisie en inhoud gebruikt.

Onderstaand figuur is een conceptuele weergave van de beide tekststructuren, waarbij in dit omgevingsdocument alléén de vrijetekststructuur met divisie en inhoud mogelijk is.

Links de artikelstructuur met artikelen en leden met inhoud. Te zien is dat wanneer een artikel leden bevat, de inhoud in het lid voorkomt. Indien het artikel inhoud bevat, zoals in artikel 1.2 in het figuur hieronder, is het niet mogelijk om in dat artikel ook leden te plaatsen.

Het rechtergedeelte van het figuur geeft de vrijetekststructuur weer, waarin de divisies inhoud bevatten. Inhoud kan alléén voorkomen in een divisie.

Artikelstructuur en vrijetekststructuur

Besluitonderdelen en hun tekststructuur

In onderstaand figuur is per besluitonderdeel en de bijlages daarvan, conceptueel aangegeven welke tekststructuur van toepassing is. Let daarbij vooral op de kleur van de balkjes; oranje voor artikelstructuur en groen voor vrijetekststructuur. Ook zijn er onderdelen uitgegrijsd, omdat deze niet verplicht zijn.

Besluitonderdelen en hun tekststructuur

Besluitonderdelen, tekststructuur en tekstelementen

In paragraaf 5.2.1.2 van de TPOD is aangegeven in welke hiërarchie de tekstelementen mogen voorkomen wat betreft de artikelstructuur. In paragraaf 5.3.2 is dit aangegeven voor de vrijetekststructuur. In de kolom toelichting zijn enkele zaken daaruit overgenomen, voor de volledige informatie moet de TPOD geraadpleegd worden. De verwachting is dat een groot deel door de software automatisch wordt gewaarborgd.

Tekstelementen

Zoals hiervoor aangegeven, zijn er verschillende tekstelementen die mogelijk zijn binnen de verschillende tekststructuren. De STOP/TPOD schrijft voor welke tekstelementen voorzien kunnen worden van een kop en/of inhoud. In paragraaf 5.2.2 en 5.3.2 van de TPOD is voor ieder tekstelement beschreven welke eisen er aan het eventuele kop worden gesteld. Het gaat dan om de opbouw van de kop via het label, nummer en opschrift. In geval van lid gaat het om de opbouw van het lidnummer.

Daarnaast schrijft de TPOD voor dat de Inhoud (alinea, figuur, lijst en tabel) alléén voor mag komen in het Artikel of Lid in de artikelstructuur. In de vrijetekststructuur mag Inhoud (alinea, figuur, lijst en tabel) alléén voorkomen in de Divisie. En kan de Inhoud gemarkeerd worden als citaat, casus of voorbeeld.

Functioneel verbeelden

Het presentatiemodel schrijft voor hoe deze koppen er vervolgens uit moeten zien. Hierin bepaalt het principe van ‘functioneel presenteren’ hoe de verbeeld wordt.

Lees hierover meer op de pagina Presenteren AMvB - presenteren van tekst.

Standaardindeling

Het bevoegd gezag is in grote mate vrij om naar eigen inzicht het omgevingsdocument in te delen. De TPOD schrijft in paragraaf 5.2.2.2 en 5.4, 5.5 en 5.6 voor welke eisen er aan de inhoudsopgave gesteld worden. Zo is er altijd een hoofdstuk 1 Algemene bepalingen. Daarnaast is er een eis dat alle begrippen gegroepeerd worden in ‘begripsbepalingen’ ofwel in één artikel in hoofdstuk 1, ofwel in één bijlage. Hetzelfde geldt voor meet- en rekenregels. Deze moeten gegroepeerd worden in de ‘meet- en rekenbepalingen’ in één artikel in hoofdstuk 1 of in de bijlage. Dit zorgt ervoor dat ze altijd vindbaar zijn en het draagt bij aan de eenduidigheid van alle regels.

In AMvB en MR is het toegestaan om op iedere plek in de regeling begripsbepalingen op te nemen. Begripsbepalingen kunnen dus allemaal in één artikel worden opgesomd, of allemaal in een bijlage, maar ook in verschillende artikelen verspreid over de tekst van de regeling. Ook combinaties daarvan zijn toegestaan. Op deze manier is het bijvoorbeeld mogelijk om de algemene begrippen bij elkaar te zetten in een specifiek daarvoor bestemde bijlage en contextgebonden begrippen, oftewel begrippen die betrekking hebben op slechts een bepaald onderwerp in de regeling, op te nemen in een artikel in het regelingonderdeel dat over dat onderwerp gaat.