U bevindt zich hier:

Staalkaarten omgevingsplan

Staalkaarten

Staalkaarten zijn voorbeelduitwerkingen van onderdelen van een omgevingsplan en zijn ontwikkeld door VNG. Ze zijn bedoeld als inspiratiebron voor opstellers van omgevingsplannen. Hierbij kunnen ze de verschillende onderdelen van iedere staalkaart gebruiken als bouwstenen uit een legodoos.

Het huidige omgevingsrecht is verbrokkeld en verdeeld over tientallen wetten. Er zijn aparte wetten voor bodem, bouwen, geluid, infrastructuur, mijnbouw, milieu, monumentenzorg, natuur, ruimtelijke ordening en waterbeheer. Deze verbrokkeling leidt tot afstemmings- en coördinatieproblemen en verminderde bruikbaarheid voor iedereen die met het omgevingsrecht te maken heeft. Staalkaarten geven inzicht in de nieuwe mogelijkheden die de systematiek van de Omgevingswet biedt. Denk aan mogelijkheden voor het verbeteren, beschermen en benutten van de gemeentelijke leefomgeving.

Deze eerste staalkaarten zijn een momentopname in de ontdekkingstocht naar de mogelijkheden van het omgevingsplan. Ze geven nog niet alle mogelijkheden weer die het nieuwe stelsel biedt, maar komen daar steeds meer in de buurt. Dit geeft geen garantie dat ze in de toekomst houdbaar zijn bij de bestuursrechter. Het kan ook zo zijn dat de regelgeving inmiddels is gewijzigd. Denk hierbij aan de bruidsschat die op dit moment nog in ontwikkeling is. Ook kan het zijn dat de context waarin een regel wordt gebruikt anders is.

Het maken van een omgevingsplan is een proces van herhaling, ofwel leren door doen. In de complexe fysieke leefomgeving hangt veel samen wat het maken van een omgevingsplan een lastige opgave maakt. Maar als het plan er dan is, wordt het weer eenvoudiger. Er is één omgevingsplan over de gehele fysieke leefomgeving. Voor burgers en bedrijven wordt het daarmee eenvoudiger om initiatieven te ontplooien en op te zoeken wat mogelijk is.

De VNG maakt inspanningen om meerdere staalkaarten op te zetten in samenwerking met Eenvoudig Beter en Aan de Slag met de Omgevingswet. Het is hierbij belangrijk om de standpunten te blijven bewaken die je als gemeente wil meenemen. Door integraal te werken komen gevolgen van keuzes in beeld die anders wellicht worden vergeten. Het is belangrijk vanaf het begin met alle betrokkenen aan tafel integraal het gesprek aan te gaan. Het heeft tijd nodig elkaars taal te leren spreken, omdat men uit verschillende werkvelden komt.

Staalkaarten bieden hierbij de volgende inzichten:

  • Het komen tot een omgevingsplan: wat kom je in zo’n proces tegen?

  • Werken vanuit een visie: weet je wat je opgaven, ambities en gebiedsbeschrijving zijn?

  • Maken van regels: hoe schrijf je je ambities weg in regels voor een omgevingsplan?

De gepubliceerde staalkaarten zijn te vinden op de website van VNG Er is ook een webinar beschikbaar over staalkaarten en ontwerp vragen

Staalkaart Casco

Het casco is een voorbeeldstructuur voor het omgevingsplan. Deze staalkaart geeft een structuur weer hoe een omgevingsplan zou kunnen worden opgebouwd. Het doel hiervan is om gemeenten te ondersteunen bij het maken van een omgevingsplan en de opgave hiertoe meer zichtbaar, hanteerbaard en vooral uitvoerbaar te maken. Het casco illustreert de verschillende type regels die een omgevingsplan kan bevatten en op welke plaats deze kunnen worden opgenomen. Onder het vaststellen van een omgevingsplan wordt hier ook het herzien van een omgevingsplan verstaan. In de structuur is ook rekening gehouden met de regels vanuit de STOP/TPOD standaard.

De regels die in deze cascostructuur zijn opgenomen, zijn slechts een leidraad en géén verplichting. Zij dienen enkel om de structuur te ondersteunen en om inzicht te geven in wat er zoal een omgevingsplan geregeld kan worden. In sommige gevallen zijn de regels ontleend aan bestaande praktijken. In andere gevallen zijn ze nieuw bedacht. In alle gevallen gaat het uitdrukkelijk niet om modelbepalingen die zijn geschreven om letterlijk overgenomen te worden. Het zijn prototypes die laten zien wat een omgevingsplan kan inhouden. De voorbeelden zijn niet zozeer gebaseerd op inhoudelijke kennis van zaken op het betreffende terrein van omgevingsbeleid, maar zijn illustratief voor de manier waarop dergelijke inhoudelijke zaken vorm kunnen krijgen. Gemeenten dienen de regels zelf invulling te geven op basis van de eigen beleidskeuzes.

Als onderdeel van de regels wordt door een set coördinaten vastgelegd voor welke locatie(s) de regels gelden. Dit wordt ook wel het werkingsgebied genoemd. Het werkingsgebied kan het gehele gemeentelijke grondgebied zijn (het ambtsgebied van de gemeente), maar ook een of meer delen daarvan. Op deze manier kunnen regels per locatie (per gebied, per perceel of delen daarvan) verschillen. De werking van regels kan zelfs tot op het niveau van een specifieke plaats worden gespecificeerd. Een voorbeeld hiervan is een beschermingswaardige boom. Het koppelen van werkingsgebieden aan de regels is een belangrijk element van het omgevingsplan. Door deze koppeling is een regel alleen zichtbaar op de locaties waar deze werking heeft. Denk daarbij bijvoorbeeld aan regels die binnen de bebouwde kom gelden. Die regels hoeven dus niet buiten de bebouwde kom zichtbaar te zijn. Regels kunnen ook een kwantitatieve norm bevatten. Zo’n waarde kan bijvoorbeeld aangeven dat op een locatie een maximale bouwhoogte, oppervlakte of andere maatvoering in acht moet worden genomen.

Onder de Omgevingswet wordt een groot aantal regels bij elkaar gebracht. Via het omgevingsloket (functie oriënteren op de kaart) zijn straks alle geldende regels voor een locatie te zien. Alleen, wie gebruik maakt van deze functie is gericht op zoeken. Hij of zij wil relevante informatie zien, toegesneden op een vraag. Hiervoor is het nodig dat regels geannoteerd zijn. De gemeente brengt deze annotaties aan met behulp van plansoftware. De voorbeeldregels in het casco worden bij de verdere uitwerking gedigitaliseerd en geannoteerd, zodat deze in het gemeentelijk softwarepakket kunnen worden ingelezen. De annotaties zullen voornamelijk betrekking hebben op hoofdstuk 5 welke gaat over de activiteiten. Hieraan kunnen dan ook weer toepasbare regels gekoppeld worden.

Op verschillende plaatsen in het casco is ook aandacht besteed aan de relatie die bestaat tussen het omgevingsplan en de omgevingsvisie en het programma, al zijn deze aspecten ook ondergeschikt gelaten aan een structuur die zo goed mogelijk recht doet aan het omgevingsplan conform de gedachten van de Omgevingswet.

Het casco is te vinden op de website van VNG

Staalkaart integratie verordeningen

In deze staalkaart zijn voor vier activiteiten regels vanuit de model-APV in de structuur van het casco gezet. Voor elke activiteit zijn er verschillende varianten uitgewerkt om te laten zien op welke verschillende manieren activiteiten in een omgevingsplan kunnen worden geregeld. In de toelichting worden de gevolgen van de verschillende varianten uitgelegd. De staalkaart is een voorbeeld van de manier waarop een gemeente regels kan opnemen in het omgevingsplan. Hoewel gebruik is gemaakt van regelingen uit de modelverordeningen, is deze staalkaart geen modelverordening. Het is uiteindelijk aan de raad om te bepalen welke doelen zij heeft met het omgevingsplan en hoe zij het gemeentelijk beleid omzet in het omgevingsplan.

De staalkaart bestaat uit vier delen:  

1. Wat zijn mijn kaders

  • Ga na wat op grond van de Omgevingswet in het omgevingsplan moet, mag en niet mag worden gereguleerd
  • Ga na welke kaders de rijksregels stellen (Ow, Bkl, Bal en Bbl) (en of eventueel kaders in rijksbeleid)
  • Ga na welke kaders in de provinciale verordeningen zijn opgenomen (en of eventueel kaders in provinciaal beleid)

2. Wat wil ik regelen en waarom

Bij het beantwoorden van deze vraag is er gekeken naar de regels in de huidige modelverordeningen. Deze regels leiden er nu toe dat:

  • Er soms geen regel is gesteld en de activiteit is toegestaan, bijvoorbeeld: voor een stamomtrek groter dan een bepaalde diameter gelden er regels t.a.v. kappen. Gevolg hiervan is dat er voor bomen met een kleinere stamomtrek geen regels gelden.
  • Er soms een regel is gekoppeld aan een specifieke locatie; bijvoorbeeld alleen aangewezen monumentale bomen worden tegen kappen beschermd.
  • Er soms regels gelden voor het gehele gemeentelijke grondgebied, bijvoorbeeld als alle bomen boven een bepaalde stamomtrek beschermd worden tegen kappen.

3. Hoe wil ik het regelen

Per activiteit kunnen er vier ‘niveaus’ worden uitgewerkt, namelijk:

  • Niveau 1: niets regelen
  • Niveau 2: de specifieke zorgplicht
  • Niveau 3: de algemene regel
  • Niveau 4: de vergunningplicht

4. Varianten van de uitgewerkte activiteiten Er zijn voor vier activiteiten regels vanuit de model-APV in de structuur van het Casco gezet. Voor elke activiteit zijn er verschillende varianten uitgewerkt, om te laten zien op welke verschillende manieren in een omgevingsplan activiteiten kunnen worden geregeld. In de toelichting worden de gevolgen van de verschillende varianten uitgelegd. De verschillende varianten in deze staalkaart laten zien hoe de vier niveaus van regels kunnen worden ingezet.

De uitgewerkte activiteiten zijn:

  • regels rondom objecten op de weg
  • regels rondom uitritten
  • regels over parkeren die zijn gesteld om parkeerexcessen te voorkomen
  • regels voor kappen

De staalkaart ‘Integratie verordeningen’ is te vinden op de website van de VNG

Staalkaart Bestaande Woonwijk

Deze staalkaart geeft voorbeeldregels weer over de bestaande woonwijk die in het omgevingsplan kunnen worden opgenomen.  De bestaande woonwijk is een wijk waar iedere gemeente er wel één of meer van heeft. Het is een wijk waar geen grote ruimtelijke ontwikkelingen plaatsvinden, maar waar wel een aantal vraagstukken op het gebied van de fysieke leefomgeving spelen. De staalkaart geeft inzicht in hoe de systematiek van het omgevingsplan kan werken als ruimtelijke regels én milieuregels in het omgevingsplan worden geïntegreerd.  

Bij het opstellen van een omgevingsplan is het van belang om o.a te bepalen welke regels opgenomen worden voor welke activiteiten. Uiteraard zijn er meerdere ontwerpkeuzes. In deze staalkaart voor de Bestaande Woonwijk is een beperkt aantal activiteiten opgenomen. Denk hierbij aan woongerealateerde activiteiten zoals beroep aan huis en het bouwen van dakkappelen. Het doel van de staalkaart is om voorbeeldregels te laten zien en niet bedoeld als model-omgevingsplan.

De staalkaart bestaande woonwijk bestaat uit vier delen:  

1. Handleiding voor de planopsteller: Hierin wordt de staalkaart bestaande woonwijk geïntroduceerd. Daarna worden het doel van de staalkaarten en de ontwerpkeuzes bij het opstellen van een omgevingsplan besproken. 

2. Algemene toelichting op de regels: Deze toelichting is bedoeld voor alle gebruikers van een omgevingsplan. 

3. Regels voor een bestaande woonwijk. In dit deel staan de voorbeeldregels voor de bestaande woonwijk, deze zijn in een aantal varianten uitgewerkt. 

4. Artikelsgewijze toelichting op de regels in deze staalkaart voor een bestaande woonwijk. 

De staalkaart ‘Bestaande Woonwijk’ is te vinden op de website van de VNG VNG webinar over Bestaande Woonwijk

Voorbeeld annoteren met de staalkaarten: Zeestad

De regels ‘uitritten’ van Casco Omgevingsplan (Zeestad) kunnen in het DSO bekeken worden.

1. Start browser Open uw browser (voorkeur: Firefox of Chrome)

2. Ga naar het DSO Ga naar het Preportaal

3. Kies het portaal Kies bij de drie opties bovenaan voor “Regels op de kaart”

4. Zoeken Vul in het veld “Locatie” één van de hieronder weergegeven codes in (d.m.v. ‘kopiëren’ en ‘plakken’) en druk daarna op ‘enter’ of klik aan de rechter kant bij ‘zoeken’ op het symbool (vergrootglas).

Gebruik de code: NZE05 A44 (=Perceel Noordzee)

Let op: Omdat DSO-LV in ontwikkeling is, kan het zijn dat na enige tijd deze documenten (tijdelijk) worden verwijderd.

5. Raadplegen Als eerste verschijnen (alleen) de ‘regels’ van het voorbeeldbestand (links) in het beeld. Op de kaart (rechts) verschijnt de gemeentegrens (Gemeente Wassenaar). Dit is noodzakelijk voor het voorbeeldbestand.

Klap in de tekst (links) de verschillende paragrafen uit, door op het symbool “ > “ te klikken. Zodra weer het symbool “ > “ verschijnt, kan de tekst nog verder worden uitgeklapt. Zo worden de verschillende onderdelen van de regels zichtbaar.

6. Op de kaart Zodra er aan de rechterkant van de tekst een ‘schuifje’ zichtbaar is, kan d.m.v. dit schuifje het betreffende ‘werkingsgebied’ worden weergegeven op de kaart. Zet de diverse schuifjes apart aan en uit, om het werkingsgebied van het betreffende regelonderdeel weer te geven op de kaart. Om de werkingsgebieden zichtbaar te krijgen op de kaart, is het wellicht nodig om eerst een stukje uit te zoomen.

Omdat de voorbeeldregels ‘neutraal’ zijn, liggen de werkingsgebieden op een fictief eiland (‘Zeestad’). Zoom op de kaart in (of uit) om de relevante werkingsgebieden goed te kunnen bekijken.

Disclaimer: De DSO-omgeving is nog niet stabiel. Het kan zijn dat u foutmeldingen krijgt. Probeert u het dan opnieuw.